woensdag 31 oktober 2012

Geel



“De eerste moment toen ik hier binnen kwam dacht ik: “Wa is da hier voor een lelijk gedrocht van een kamer”. Ik kwam van mijn prachtig Hevers kamertje, met het beste bed van de wereld, en plotseling moest dit ‘spartaans kot’ mijn kamer voorstellen. Alle geluk was ik veel te moe om mij hier nog verder druk om te maken en ben toen maar direct gaan slapen. Nu, ondertussen al bijna drie weken verder, moet ik mijn mening herzien. Mijn foto’s hangen boven mijn bed, schone reclame aan de muren, rommel verspreid over de vloer (om de kaalheid tegen te gaan natuurlijk, niet uit luiheid, nene) en niet te vergeten, vooral de nabijheid van zoveel lieve mensen maakt dat ik me hier, in mn kleine gele kamertje, echt thuis begin te voelen.“

Eigenlijk best wel narcistisch vind ik, zonen ‘blog’. Pagina’s volschrijven omdat ge het idee hebt dat uw leven interessant genoeg is om door anderen gevolgd te worden. Maar dan is de vraag natuurlijk, “Wat is interessant?”, geeft het aan-de-andere-kant-van-de-wereld-wonen werkelijk een meerwaarde? Ik weet het niet. Maar ach, we blijven maar voortdoen met wat we bezig zijn zeker. Sommige dingen zijn zoals ze zijn en zijn het overpeinzen niet waard.

Zoals het feit dat leer blijkbaar bruint in de zon. Eerst dacht ik: “Meneer, wees maar gewoon eerlijk en zeg mij dat ge eigenlijk geen donkerbruine schoenen meer hebt in plaats van mij die bleke aan te smeren.”, tot ik besloten had het risico te nemen en aan te nemen wat hij zat te verkondigen, “Zet ze in de zon en ze zullen binnen een paar dagen bruin zijn”. Jep, eerst zien, dan geloven.  Ik weet echt niet hoe het in z’n werk gaat, maar moet dat eigenlijk ook helemaal niet weten, het belangrijkste is dat het werkt! Echt waar, ze zijn al veel bruiner, weer wat bijgeleerd van die Guatemalteken hier.

En jeej, heb eindelijk wat meer gezien van Guatemala dan mijn hometown, Antigua. Samen met Karen (de stoere  Vlaamse), Karenina, José (twee supergrappige Hollandse meisjes), en Lorraine (zo’n knappe Italiaanse die zo uit een reclameke van ‘Bertoli’ kan komen) ben ik naar ‘Lago de Atitlan’ getrokken, een giga meer tussen de vulkanen.  T’was echt de moeite. Met een bootje sjeezen van dorpje tot dorpje en wie zin had mocht ergens onderweg  van de boot springen voor een frisse duik in het kratermeer. Natuurlijk wou ik die kans niet laten liggen en samen met Karen, het enigste meisje dat ook nog durfde (fuerza Belgica!) zijn we het water ingesprongen. Terwijl de Amerikanen en Duitsers toekeken met hun dikste jassen aan hebben wij wat toerekes gedaan in het heerlijke (achteraf pas gehoord: bacteriële) water. Op de terugweg naar huis zijn we gestopt aan een supergrote markt in het dorpje Chichicastenango. Hier hebben Karen en ik (weeral fuerza Belgica!) ons verwend met een echte Guatemalteekse maaltijd in zo’n stalletje op’t straat tussen de locals, heel lekker maar de hygiene waren er ver te zoeken. De volgende stop voor Antigua was een site waar men mayaruïnes heeft opgegraven, echt zo cool, ik heb het wel voor die maya’s hunne cultuur. En dan ’s avonds zijn we met heel de bende nacho’s gaan eten in de hippe bar van’t stad, de Monoloco.

Wel, nu heeft één van bovenstaande activiteiten, of een combi ervan, een slechte invloed gehad op mijn gezondheid. Ik lig hier al twee dagen in bed met koorts en kan al niet meer bijhouden hoeveel keren mijn maag zijn inhoud heeft weergegeven (exact wat jullie wilden lezen hé jongens en meisjes!). Bon, ben gisterenavond naar de dokter geweest (wat op zich al een avontuur was: doodziek in nen tuc-tuc door kasei-rijk Antigua rijden)en nu blijkt het dat ik een bacteriële infectie heb, joepie! Ik moest ook wel even schrikken toen de dokter me zei dat ik ‘debiel’ was, maar Karen maakte me meteen duidelijk dat ‘debìl’ ‘zwak’ betekend en ik dus geen schrik moest hebben om in de psychiatrie ofzo te belanden. Nu loop ik dus aan iedereen te verkondigen dat het al ‘mejor’ (=beter) gaat, maar dat ik nog altijd zeer ‘debìl’ ben. Toch nog even wennen, dat spaans.
Nu ben ik te weten gekomen dat ik niet de enige ben, nog een stuk of zes andere personen hebben hetzelfde aan de hand (waaronder ook Karen, toch niet zo ‘fuerza Belgica’ als we dachten). Maar de oorzaak is echter moeilijk te weten want hiervan heeft niet iedereen gezwommen in het meer, of gegeten in een straatstalletje en er zijn ook mensen die wel nacho’s gegeten hebben en niet ziek zijn geworden. Spannend hé: ‘Het mysterie van de geniepige bacterie’
Maar hey, gene paniek, na een prik in mn bil en de nodige dosis antibiotica begint het al te beteren. Iedereen hier thuis is ook super lief. Ik krijg regelmatig speciale theetjes of natuurlijke toverdrankjes (een soort mojito, zonder alcool uiteraard, met basilicum en olijfolie) die de pijn wat kunnen temmen. Estelita loopt af en toe eens binnen om de portie knuffels en kusjes op peil te houden en als Lisa thuis is komen ze met hun tweetjes een dansje opvoeren of gewoon wat babbelen. Wat een familie!

Maar toch, hoewel ik nu zo vertroeteld word, hoop ik spoedig weer mijn eten binnen te kunnen houden, zodat ik weer wat kleur krijg, mijn gele kamertje kan verlaten en terug op pad kan om de wijde wereld te gaan verkennen!

Ik houd jullie op de hoogte!

Stine (de manier waarop de school mijn naam shrijft)

1 opmerking:

  1. Heel veel beterschap gelijk ze bij ons zeggen !

    en euh, ik kijk al uit naar hoe je volgende avontuur zal passen bij de titel van blog 4 ;)

    Geniet ervan!!

    BeantwoordenVerwijderen